Om de Westerschelde bevaarbaar te houden, gebeuren er continu onderhoudswerken. Het gebaggerde materiaal wordt elders opnieuw in het estuarium gestort. Dat gebeurt volgens de methode van flexibel storten. Stortstrategieën worden geëvalueerd en aangepast. Op die manier probeert men de kwaliteit van het estuarium te verbeteren. Proefstortingen dienen om alternatieve stortstrategieën te testen in de praktijk.

Ter voorbereiding van de uitvoering van de derde verruiming van de Westerschelde werd in 2004 en 2006 voor het eerst baggerspecie gestort, aan de rand van de Plaat van Walsoorden. Een intensief onderzoeks- en monitoringprogramma van deze proefstortingen leverde zeer bruikbare resultaten op.  De specie bleek voldoende stabiel te zijn, en er werden geen negatieve effecten op het bodemleven opgemerkt.

Uit de proefstortingen bleek dat het zinvol is om op grotere schaal te storten op de plaatranden. Sinds de derde verruiming van de Westerschelde gebeurt dat dan ook in de praktijk.

Er gebeurt nog meer onderzoek naar de verdere verbetering van de stortstrategie. Stortproeven kunnen bijkomende inzichten geven. Daarom worden er voor 2016 en 2017 nieuwe proeven voorbereid.