Nieuwe evaluatiemethodiek: wat verandert er in de T2021-rapportage?

Elke zes jaar wordt het functioneren van het Schelde-estuarium geëvalueerd. Met de methodiek achter die evaluatie (Evaluatiemethodiek Schelde-estuarium, EMSE) kunnen beleid- en beheervragen beantwoord worden op basis van data vanuit het monitoringsprogramma MONEOS. De evaluatie beschouwt de beleidsdoelstellingen uit de Langetermijnvisie 2030 en bekijkt of het systeem goed functioneert. Dit jaar werkte het consortium Schelde in Beeld, in samenwerking met de experts binnen de VNSC, aan een herziene EMSE in functie van de opmaak van de T2021-rapportage. Wat zijn de belangrijkste wijzigingen?

architect-4966986-1920-kopi-ren

Hoe werkt het?

In 2011 werd de eerste evaluatie uitgevoerd: T2009. Daarmee werd de referentiesituatie vastgelegd – de basis waar volgende evaluaties een vergelijking mee kunnen maken. Het  tweede rapport voor de periode 2010-2015 werd opgeleverd in 2018 (T2015). Het rapport voor de periode 2016-2021 (T2021) zal opgemaakt worden vanaf midden 2022.

De EMSE steunt op zogenaamde ‘piramides’. Een piramide bestaat uit een communicatie-indicator, toetsparameters, rekenparameters en verklarende parameters. De communicatie-indicatoren geven de belangrijkste aspecten voor het functioneren van het systeem weer. Voor T2009 en T2015 werden de piramides waterbeweging, bevaarbaarheid, ecologisch functioneren, flora en fauna, leefomgeving, plaat- en geulsysteem en waterkwaliteit bekeken. In het kader van de herziening van de EMSE werden de piramides bijgesteld tot hydrodynamiek, ecologie, morfologie, waterkwaliteit en leefomgeving.

afbeelding31

Met behulp van toetsparameters worden de communicatie-indicatoren getoetst. Elke toetsparameter is essentieel, en samen bepalen deze parameters of het goed of slecht gaat met deze indicator. De toetsparameters zijn op hun beurt opgebouwd uit één of meerdere rekenparameters. Rekenparameters kunnen rechtstreeks gemeten waarden of berekende waarden zijn.

Aanleiding tot herzien van de EMSE

Na uitvoering van de T2015-rapportage werd de toegepaste methodiek geëvalueerd. Hierbij zijn opmerkingen en voorstellen voor verbetering geformuleerd. Een belangrijk aandachtspunt was dat er meer samenhang tussen de verschillende piramides voor de pijler Natuurlijkheid gecreëerd diende te worden. De herziening introduceerde ook een zandloperbenadering, verhaallijnen ecologie en een hoofdstuk menselijke ingrepen. Ten slotte werden een aantal piramides samengevoegd en geoptimaliseerd.

Zandloperbenadering

Alle communicatie-indicatoren hangen onderling ook samen als je kijkt naar het estuarium als systeem. Voor het systeem als geheel, zal voor de T2021-rapportage gewerkt worden met een zandloperbenadering voor de hoofdfunctie Natuurlijkheid. De niet-levende elementen (abiotische randvoorwaarden) in het estuarium bepalen namelijk de leefomstandigheden voor de levende organismen (biota). Daarnaast zijn er nog wat externe factoren van invloed op beide piramides.

piramide-emse-t2021

Verhaallijnen Ecologie

De in T2015 gebruikte communicatie-indicatoren Flora & Fauna en Ecologisch functioneren worden in de herziene methodiek samengebracht in de communicatie-indicator Ecologie. Hierbij focust de methodiek zicht op veranderingen en verschuivingen binnen functionele groepen maar ook op het vinden van mogelijke verklaringen voor die veranderingen in onderliggende factoren als leefomgeving, hydrodynamiek of waterkwaliteit. Door relaties tussen die veranderingen en onderliggende factoren in verhaallijnen te vatten, is er meer ruimte om patronen te zoeken en te interpreteren. Zo ontstaat een combinatie tussen een kwantitatieve analyse op basis van de cijfers uit MONEOS en een kwalitatieve analyse door middel van die verhaallijnen en interpretaties.

Dit is een van de grote veranderingen ten opzichte van de methodiek ten tijde van T2015. Door het samenvoegen van de twee communicatie-indicatoren én het introduceren van de verhaallijnen, wijzigen ook verschillende toets- en rekenparameters. Dit kun je teruglezen in de samenvatting (zie onderaan deze webpagina).

Menselijke activiteiten

In de methodiek wordt voor het eerst een lijst van de relevante menselijke activiteiten in het Schelde-estuarium geboden. Dat hoofdstuk is geen evaluatie, maar een overzicht wat kan helpen bij het leggen van oorzaak-gevolgrelaties. Hierin staan de activiteiten van de afgelopen zes jaar, en het historisch perspectief. De methode geeft aan welke activiteiten minimaal behandeld moeten worden. Denk aan sedimentbeheer, begrenzing van het estuarium (o.a. de aanleg van gereduceerde getijdengebieden en ontpoldering), de aanleg van strekdammen, beheersmaatregelen voor invasieve soorten, een trendanalyse van de scheepvaart en de effecten van recreatie.

Belangrijkste wijzigingen in piramides

Ook de andere piramides van communicatie-indicatoren bevatten (kleine) wijzigingen en verschuivingen ten opzichte van T2015. Zo zijn de piramides Dynamiek Waterbeweging en Bevaarbaarheid (T2015) samengevoegd tot Hydrodynamiek (T2021), met daarin een aantal nieuwe rekenparameters en verklarende parameters. Sommige parameters komen ook terug in andere piramides. De communicatie-indicator Plaat- en Geulsysteem (T2015) heet nu Morfologie (T2021), omdat we breder kijken dan alleen platen en geulen. De indicator Waterkwaliteit is grotendeels hetzelfde, op een paar nieuwe rekenparameters en wat veranderde namen na. Ook voor de indicator Leefomgeving zijn enkele rekenparameters en toetscriteria bijgesteld.

Meer details lezen?

Dit is slechts een greep uit de gedetailleerde herziening van de EMSE in 2021. Lees ook de samenvatting update Evaluatie-methodiek Schelde-estuarium (.doc).

Terug naar overzicht