Mammoetresten en andere botten gevonden in bouwput Nieuwe Sluis Terneuzen

Bij het uitgraven van het buitenhoofd deze zomer stuitten de werknemers van de Nieuwe Sluis Terneuzen op zo’n honderd botten. Conservatoren van het Koninklijk Zeeuwsch Genootschap der Wetenschappen en Erfgoed Zeeland onderzochten de botten en kwamen tot de conclusie dat dit van een oerpaard, wolharige neushoorn, steppenwisent, mammoet en een oude walvis zouden zijn.

 botten-nieuwe-sluis

Twee slagtanden, een atlas (de eerste wervel uit de wervelkolom), een kies: de mammoet liet heel wat sporen na. De botfossielen zijn ongeveer 30.000 jaar oud, maar het binnenoor en de wervels van een specifieke walvissoort lijkt zo’n zeven miljoen jaar oud te zijn – daarna stierven zij uit. Van de mammoet bleven ook nog delen van het bekken terug, waarvan de conservator vermoedt dat het dier is aangegeten door een hyena. Mammoetresten worden wel vaker gevonden in Nederland, maar in deze hoeveelheid en samenstelling is uniek.

Botten in een zeef

Bij het uitgraven van de sluishoofden wordt het zand gezeefd. Dan worden grote brokstukken uit het zand gehaald. Deze botten werden dit voor jaar in de zeef aangetroffen, maar al eerder in het Nieuwe Sluis-project kwamen botten van vissen, vogels en een zeehond langs.

Veel media besteden aandacht aan de vondst: berichten van RTL Nieuws, Trouw en de NOS passeerden de revue. Bekijk ook de reportage van Omroep Zeeland

Tentoonstelling

Nadat de botresten in het Centrum voor Isotopen Onderzoek van de Rijksuniversiteit Groningen onderzocht zijn, worden de mooiste vondsten uiteindelijk in het Portaal van Vlaanderen in Terneuzen tentoongesteld. En wie weet wat er nog meer naar boven komt, want er wordt nog steeds op dezelfde diepte van -18m NAP gegraven! Lees meer op nieuwesluisterneuzen.eu.

Terug naar overzicht