Zoetwaterproblematiek

Typisch voor een estuarium is de unieke combinatie van zoet en zout water. De getijden brengen zout zeewater in de zoete Schelde binnen. De geleidelijke overgang van zoet over brak naar zout water doet het estuarium goed functioneren en zorgt voor zeer verschillende natuurtypes langs de oevers van de rivier. Maar het zoutgehalte in de Schelde verandert onder invloed van het weer en door menselijke ingrepen. Dat heeft gevolgen voor de natuur, de scheepvaart en de industrie.

Wat wordt er onderzocht?

Het onderzoek naar het zoetwaterbeheer focust op:

  • de manier waarop de aan- en afvoer van zoet en zout water in het Schelde-estuarium zich ontwikkelt en welke mogelijke problemen ze veroorzaakt;
  • de gevolgen van autonome ontwikkelingen zoals de klimaatverandering, met extra gevaar voor extreme droogte en erg natte periodes;
  • de invloed van veranderingen aan de infrastructuur, zoals de komst van de nieuwe zeesluis in Terneuzen;
  • wijzigingen in de waterhuishouding, zoals het spuien van zout water op de Westerschelde als in het Volkerak-Zoommeer opnieuw zout water zit;
  • een zo optimaal mogelijke verdeling van het beschikbare zoet water.